Misverstand

Pasen is dit jaar niet als vroeger. Niets is meer zoals vroeger en je weet ook niet of Pasen het volgend jaar hetzelfde zal zijn als nu. Het is fijn dat Anke en Stijn weer eens thuis zijn, maar een Paasfeest kan het gewoonweg niet worden. Daarvoor zijn er teveel belemmeringen. Toen de kinderen nog klein waren werden, net als in de meeste andere gezinnen met kinderen, paaseieren verstopt. En als Anke en Toine, die drie jaar jonger is, de eie- ren gingen zoeken was ze haar broertje vaak te vlug af. Maar natuurlijk werd later toch wel alles eerlijk gedeeld. Op de foto’s die toen gemaakt zijn, zie je haar vaker tussen de voorjaarsbloemen in de tuin. Op jacht naar de paaseieren en de chocolade paashaasjes. Herinneringen aan lang vervlogen tijden. Konden we ze nog maar eens overdoen. Maar wat dan nog? Zouden dingen anders verlopen als je ze mocht overdoen? Ja, als je de kennis van nu had zouden dingen beslist anders zijn gegaan. Maar als je die kennis van tevoren had gehad, zou je geen leven meer hebben en zou je alsmaar zitten wachten en uitkijken naar signalen die zouden moeten worden opgepikt. Om dat te voorkomen wat nu is gebeurd.

Anke en Stijn bezoeken ook nog vriendin Silke en haar vriend die nu samen in Echt een huis opknappen. Na haar verhuizing naar Duitsland en later Maastricht, woont Silke nu weer in haar geboortedorp. Ik vroeg Anke wel eens of ze ooit niet ook weer in het zuiden wilde wonen, maar ik begreep toen dat we daar maar niet op moesten rekenen. Zij zag voorlopig alleen voordelen van het wonen in de stad. Een dorp als het onze was haar te klein, er was te weinig te doen, zei ze. Ze zou niet meer terug willen. Ze had al zoveel van de wereld gezien, dat ze niet meer in een dorp wilde wonen. Toen ze vlak na haar bezoek aan Teheran – een miljoenenstad, zo druk, zo levendig – weer thuis was, zei ze dat ze het gevoel had dat zelfs Amsterdam een groot dorp was vergeleken met Teheran. Dus kun je je wel voorstellen wat ze toen van Echt vond. En zelfs nu ze ziek geworden was, wilde ze het liefste samen met Stijn in Rotterdam blijven. De stad waar ze eerst even aan had moeten wennen, maar die haar nu zo lief was.

Na de Pasen probeer ik op school begeleiding van ouders te regelen voor optredens van de rapgroep in het plaatselijke zorgcentrum en Roermond. We hebben een aantal ouders nodig die de kinderen willen vervoeren naar de Fontys Hogeschool, waar de provinciale kampioenschappen zullen worden gehouden. Na het succesvolle optreden bij de lokale radio mag dat geen probleem zijn, zo mag je verwachten. Maar ondanks of misschien wel juist vanwege het feit dat het optreden op zaterdagnamiddag zal zijn, lukt het niet om voldoende kinderen en ouders te porren. Ook niet na herhaald verzoek van collega D. en mij. Met als gevolg dat het optreden in Roermond moet worden afgezegd. Erg jammer, vooral voor degenen die wel kunnen of willen.

Maar ik kan me er niet al te zeer over opwinden, ik heb wel wat anders aan mijn hoofd. Toen we op dinsdag in Rotterdam waren, heeft Anke met ons gesproken over euthanasie. Ze zou graag willen dat haar huisarts haar zou toezeggen dat hij haar op dit punt wilde helpen als het moment daar zou zijn, dat ze niet meer verder zou kunnen of willen. Anke was altijd zo onafhankelijk, zo zelfstandig geweest dat ze het niet zou kunnen verdragen dat ze totaal afhankelijk zou worden van derden. En daar zit je dan als ouder bij, hoor je haar betoog aan en moet je tot de conclusie komen dat je het met haar eens moet zijn. Hoe verschrikkelijk je het ook vindt en hoe afschuwelijk om erover te praten. Maar het is háár leven, háár lijden en háár beslissing en wie zijn wij om te zeggen dat zoiets niet hoort, of niet zou mogen. Je wil het niet, maar tegelijkertijd weet je dat er eigenlijk geen andere optie voor haar mogelijk is en dat we ons daarbij moeten neerleggen.

Ofschoon Anke verwachtte dat de huisarts haar zou helpen, wil die er echter niet aan, hetgeen misschien wel te begrijpen is. Een andere oplossing is er op dit moment nog niet voorhanden. Het maakt Anke zenuwachtig, ze zou het graag geregeld zien. Dat zou haar rust geven. Maar zover ís het toch nog niet? Er hoeft nou toch nog niets geregeld te wor- den? Het kan nog wel even wachten, zo denken we en Stijn wil proberen voor beiden een nieuwe huisarts te vinden als ze verhuisd zijn en misschien wil die wel meewerken. Of misschien is er de mogelijkheid om de Nederlandse Vereniging voor Vrijwillige Euthanasie in te schakelen, of is er een arts in het ziekenhuis die kan helpen. Maar het is een onderwerp waar je niet gemakkelijk over praat als het om iemand gaat die je niet wil missen. En eigenlijk kan ik me ook wel heel goed voorstellen dat Anke op dit punt zekerheid wil heb- ben. Of heeft ze het gevoel dat er niet zoveel tijd meer is? Tegen ons heeft ze dat in ieder geval niet gezegd, maar achteraf gezien zou het wel eens het geval kunnen zijn geweest. In een reactie op haar laatste stukje op haar weblog maakt iemand gewag van een aureool dat boven haar hoofd te zien zou zijn. Je moet goed kijken maar er is op de foto inderdaad een kring te zien in de spiegel waar ze voor staat. Het is evenwel gewoon de onderste rand van de lamp aan het plafond. Of is het toch ook al een teken? Voorlopig gaan Anke en Stijn echter eerst nog eens naar de Ardennen en meteen daarna zal dan de opname in de Daniel den Hoed volgen.

Anke is net als ikzelf niet echt gediend van het gekus en geknuffel dat tegenwoordig door steeds meer mensen wordt gebezigd bij een ontmoeting of afscheid. En dan gaat het niet om een begroeting van iemand die je in geen tien jaar hebt gezien, maar slechts korte tijd. Toch merkt Annie dat Anke door een aantal mensen de laatste tijd gekust en geknuffeld wordt, terwijl ze dit ons nog steeds niet of nauwelijks “toestaat”. Die indruk hebben wij althans.

Nou heb ik daar in andere gevallen persoonlijk vaak geen moeite mee. Zo’n begroeting is in veel gevallen een formaliteit geworden, heeft weinig waarde en mede daarom ben ik soms zelf ook liever wat afstandelijker, maar voor Annie geldt dat niet en ze zegt dit ook tegen Anke. Er is sprake van enige wrevel en Anke legt uit dat het niet de bedoeling was om ons achter te stellen, maar dat dit in de loop der tijd zo is gegroeid. Op enig moment in haar jeugd wilde ze niet meer geknuffeld worden (door ons) en dat is zo gebleven. Zonder bijbedoeling. Misschien heeft ze zelfs wel gedacht dat dit ook onze keuze was. Maar juist nu hebben Annie en ik er meer dan ooit behoefte aan om haar vast te houden, te omhelzen, te knuffelen.

De dag daarna stuurt Anke nog eens een reactie op de opmerking van Annie: Ik vind het heel jammer hoe t gelopen is. Ik begrijp ook wat je bedoelt + wil het graag veranderen. Maar ik wil ook graag uitleggen hoe ik t zie. En mam, ik hou heel veel van je……… Gelukkig maar dat Annie het thema gisteren heeft aangesneden en dat dit misverstand nu uit de wereld is geholpen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.